Onthaal   |   Contact   |   Sitemap   | NL | FR
Permanente vorming en bijscholing

REGLEMENT VAN PERMANENTE VORMING EN BIJSCHOLING

1. De permanente vorming en bijscholing bestaat in het zich regelmatig verder bekwamen in technische, administratieve en praktijkondersteunende materies door het volgen van erkende lessen of door het leveren van daarmee gelijkwaardig geachte prestaties.  Deze lessen of prestaties leveren punten op zoals hierna bepaald.

2. De erkende lessen omvatten cursussen, seminaries, studiedagen, congressen en workshops, die aanvaard zijn als permanente vorming; zij kunnen georganiseerd zijn door instellingen, verenigingen of bedrijven (vb. ABEX, KVIV, KRID, WTCB, NCDAB, KGSO, Ö).

3. De gelijkwaardig geachte prestaties omvatten het doceren van erkende cursussen, het geven van erkende causerieŽn, het spreken op erkende studiedagen, congressen, seminaries of workshops, het publiceren over deskundigenonderzoek of praktijkondersteunende materies in binnen- of buitenlandse tijdschriften.

4. Iedere ledenvereniging van FEBEX zal binnen haar organisatie voorzien in een orgaan dat beslist over de activiteiten voor de permanente vorming en bijscholing, die erkend zullen worden.

5. Elk lid van een beroepsvereniging stelt vrij zijn jaarlijks vormings- en bijscholingsprogramma op, verdeeld over zijn specialiteiten en hoedanigheden.

6. Er moeten per kalenderjaar minstens 16 punten behaald worden, waarvan minstens de helft in verband met de eigen specialiteitenkennis van de deskundige.  Het saldo betreft vorming in verband met de hoedanigheid van optreden.  Dit betekent niet dat ieder jaar voor elke specialiteit punten behaald moeten worden. De punten worden verleend als volgt :

1. Het volgen van een lesuur levert 1 punt op.
2. Een volledige studiedag van minstens 6 lesuren levert 8 punten op.
3. Het doceren van een lesuur levert 2 punten op,
4. Het publiceren van een wetenschappelijk artikel levert 3 punten op.
5. Een jaarabonnement op een technisch tijdschrift levert 1 punt op.
6. De aanschaf en lezing van een wetenschappelijk werk levert 1 punt op.

Een overschot, zowel als een tekort van punten, wordt eenmalig naar de volgende evaluatieperiode overgedragen.

7. Elk lid dient ten laatste op 31 december van de tweejaarlijkse evaluatieperiode schriftelijk verslag uit te brengen over de behaalde punten met toevoeging van de bewijsstukken, zoals certificaat van de gevolgde cursus, programma van de studiedag en betalingsbewijs van deelname, publicatiebewijs van een artikel, aankoopbewijzen van abonnementen en werken, enz.  De ledenvereniging van FEBEX stelt een fiche ter beschikking, waarop het verslag kan uitgebracht worden.

8. Dit verslag dient te worden gericht aan de daartoe opgerichte orgaan bij de ledenvereniging van FEBEX onder gesloten omslag.  Voor elk nieuw lid, dat aansluit in de loop van een evaluatieperiode, wordt het aantal punten bepaald pro-rata van de duur van het lidmaatschap.

9. Een lid dat het vereiste minimum aantal punten niet heeft gehaald, krijgt een verwittiging en wordt bij recidivisme geschrapt van de ledenvereniging van FEBEX.  In geval van betwisting is de klachtencommissie van de ledenvereniging bevoegd voorzover de klacht aanhangig wordt gemaakt volgens het Huishoudelijk Reglement van de betrokken vereniging.

 

<<<